golven

19 januari 2016

Vorige week dinsdag om kwart voor vijf in de middag kwam het bericht van vijf levend aangespoelde potvissen binnen bij het opvangcentrum van SOS Dolfijn. Een paar uur later staat een kernteam van SOS Dolfijn op de veerboot naar Texel, warme kleding en droogpakken achter in de bus en met de wens en bedoeling om de dieren te kunnen helpen. Er worden open lijnen gehouden met medewerkers van Ecomare die vanaf het eerste moment op het strand waren en het ministerie van EZ die de coördinatie op zich heeft genomen.

Eenmaal op Texel blijkt dat de sombere verwachtingen van de situatie uitkomen: De dieren bevinden zich in een uitzichtloze situatie. Twee dieren zijn dan al dood. De andere dieren zijn nog in leven maar liggen in de branding te rollen, waarbij het blaasgat regelmatig onder water verdwijnt. Verdrinkingskans is hierdoor groot. Reddingswerkers van de KNRM hebben geprobeerd de dieren vanaf het strand te bereiken, maar kunnen eenvoudigweg niet blijven staan in de ruwe zee. Vanuit zee kunnen de dieren ook niet bereikt worden. Door de hoge golven en de zandbanken is de strandingslocatie voor een reddingsboot onbereikbaar. In ieder geval één van de dieren is over een strekdam gerold en heeft verwondingen opgelopen over het gehele lijf.

De mensen van SOS Dolfijn hadden alles willen doen om samen met de andere hulpverleners de potvissen te helpen. De overweging om te proberen de dieren in zee terug te krijgen ontbrak daarbij niet. Maar de harde aanlandige wind, het tij, het nachtelijke donker, de ruwe zee, de zandbanken en de conditie van de dieren maakten dit onmogelijk. In de loop van de nacht sterven ook de andere drie potvissen.

Belangrijk om te beseffen is dat terugzetpogingen bij gestrande walvissen niet altijd “de redding“ van het dier betekent.  Bij grote walvissen die droog komen te liggen (dus wanneer de draagkracht van het water wegvalt) ontwikkelt zich snel onherstelbare schade in het lichaam. En mocht het lukken een potvis binnen korte tijd los te krijgen, dan bevindt het zich alsnog in een ondiepe Noordzee waar het zich niet of nauwelijks kan oriënteren (een belangrijk reden van stranding).

De afgelopen jaren is het in Nederland tweemaal gelukt gestrande potvissen terug te laten keren naar zee. Tijdens het eerste etmaal van de stranding op Texel werd hier door anderen via social media aan gerefereerd. Dit op een soms verwijtende toon dat het anderen wel lukt om deze dieren te redden. Wat hierbij niet werd genoemd is dat in betreffende situaties de potvissen nog geheel onder water lagen, er sprake was van rustige weersomstandigheden (geen golven), bereikbaar voor boten en er een open verbinding naar zee was. Omstandigheden die loodrecht staan op die van dinsdagnacht. De eerste situatie speelde in 2004 bij een zandplaat tussen Vlieland en Terschelling met twee potvissen. Via het wegblazen van zand onder de dieren konden deze worden vrijgemaakt en wegzwemmen. Een andere Potvis werd ook via deze wijze los gekregen in Stellendam in 2011. Naast EHBZ medewerkers en de KNRM was SOS Dolfijn hier ook bij betrokken. Overigens spoelde dit dier 2 weken later dood aan op de Duitse kust. De ‘redding’ was dus in feite tevergeefs geweest.

Dat neemt niet weg dat er altijd een kans bestaat om een grotere walvis in de problemen te kunnen helpen. In welke mate en op welke manier dit kan gebeuren is duidelijk soort- en situatie afhankelijk. Keuzes die hierbij gemaakt moeten worden kunnen moeilijk zijn. De vraag die we ons kunnen stellen, is hoe goed we in Nederland eigenlijk voorbereid op zijn op het verstrekken van deze gecompliceerde hulp aan grote walvissen in nood?

Wat betreft strandingen speelt ‘het walvisprotocol’ sinds enige jaren een rol. Het protocol is vanuit het Ministerie van EZ ontwikkeld en moet voorzien in een duidelijke coördinatie van de hulpverlening. Echter, financiële middelen en materialen om succesvol hulp te kunnen voorzien, is hier niet mee geboden. Als organisatie zou SOS Dolfijn, samen met andere betrokken partijen, beter voorbereid willen zijn. Materialen, middelen, ’strandingskits’ en een netwerk van hulpverleners zouden wel degelijk beter en planmatig kunnen worden gerealiseerd. En hoe zit het met hulpverlening wanneer een walvis nog zwemt maar dreigt te stranden of verstrikt in visnetten wordt aangetroffen? Bij soorten als de potvis is in de meeste gevallen de enige redding misschien wel het voorkómen van de stranding. Daarom zou bijvoorbeeld ook aandacht moeten worden gegeven aan het preventief weghouden van deze dieren wanneer er dreiging is van stranding of wanneer dieren de kust te dicht benaderen.

De kernactiviteiten van SOS Dolfijn zijn het helpen van kleine gestrande walvisachtigen (voornamelijk opvang van met name bruinvissen) en het informeren van het publiek over walvisachtigen in de Noordzee door educatieve projecten. Dit wordt gedaan met een groep van ervaren medewerkers en een grote groep vrijwilligers. Samen met onderzoekers wordt ook kennis verkregen die bijdraagt aan de bescherming van de dieren. SOS Dolfijn hecht daarnaast ook belang aan het voorbereid zijn op hulp aan gestrande grote walvisachtigen. Dit alles vraagt echter om een grote tijdsinvestering en genoeg financiële middelen. Als non-profit organisatie moet de stichting rondkomen van donaties, giften en sponsoring welke maar moeizaam worden verkregen. Een unieke hulporganisatie als SOS Dolfijn (de enige organisatie in Nederland met een ontheffing en voldoende ervaring op het gebied van opvang van kleine walvisachtigen) ontvangt voor haar uitzonderlijke werk geen enkele overheidssubsidie; zowel de landelijke als de lokale overheid hebben tot op heden SOS Dolfijn geen financiële ondersteuning geboden.   

Zoals vorige week dinsdag ook weer bleek, roept meelevend publiek op om gestrande grote walvisachtigen te redden. Overheden willen dat de situatie zo goed mogelijk wordt opgelost en de dieren worden geholpen. Als kennis- en opvangcentrum van kleine walvisachtigen speelt SOS Dolfijn hierbij een belangrijke rol. Vanuit de maatschappij en vanuit de overheid wordt een beroep gedaan op de expertise en inzet van de stichting. SOS Dolfijn helpt graag en staat om die reden 24/7 klaar voor walvisachtigen (groot en klein) in nood voor onze kust. Maar in feite beschikt de organisatie over onvoldoende middelen om goed voorbereid te zijn voor een in nood geraakte grote walvis.

Bij nationale en internationale noodsituaties en aan grote en welbekende natuurbeschermingsorganisaties wordt soms massaal gegeven. Ook overheidssubsidies voor natuurprojecten kunnen ruim zijn. Maar juist kleinere organisaties en initiatieven zoals SOS Dolfijn kunnen een verschil maken, zeker wanneer het aankomt op zeer specifieke werkzaamheden of diersoorten.

Samen met andere partijen wil SOS Dolfijn de mogelijkheden voor hulp aan gestrande grote walvissen uitbreiden en optimaliseren. Indien mensen die betrokkenheid voelen bij deze gestrande potvissen een kleine maandelijkse donatie doen aan een organisatie als SOS Dolfijn, en wanneer een bescheiden overheidssubsidie de werkzaamheden kan ondersteunen, dan zal SOS Dolfijn ook in de toekomst haar deskundigheid kunnen blijven inzetten. 

potvis stellendam

Help ons redden!

Elke dag staat ons team klaar voor dieren in nood. Om ze hulp te blijven bieden ben jij een onmisbare schakel. Want alleen met jouw steun kunnen wij ons werk blijven doen.

 

 Doneren

 

Nieuws

 
 

Gestrande bruinvis overleden op strand

26-02-2021: Op het strand van Den Haag is een bruinvis levend aangespoeld. Omstanders probeerde het dier terug te helpen naar zee maar dat lukte niet. Diverse hulpdiensten kwamen in actie. 

Lees meer

 
 

SOS Dolfijn helpt gestrande bruinvis naar zee

23-02-2021: Op de Hors bij Texel werd vandaag een levend gestrande bruinvis gevonden. Het dier is door medewerkers van SOS Dolfijn en Ecomare met de KNRM hulp terug naar zee geholpen. 

Lees meer

 
 

Bouw nieuwe centrum van start

19-02-2021 Aannemersbedrijf JRM Bouw is van start gegaan met de bouw van het nieuwe centrum voor SOS Dolfijn. De bouwvergunning is verstrekt door de gemeente. 

Lees meer

 

 

 

Vrienden van SOS Dolfijn